Overwerk en tijd voor tijd uren Geplaatst op Monday, 15 January, 2018

Per 1 januari 2018 is de Wet minimum Loon en minimum vakantiebijslag (WML) gewijzigd. Deze wijzigingen lenen zich voor een complexe uitleg maar belangrijk is dat dit financiële en praktische gevolgen voor u als werkgever heeft. Daarbij is het belangrijk dat er een verschil is tussen meerwerk (een parttimer die meer werkt dan zijn contracturen) en overwerk (gemiddeld meer dan 38 of 40 uur, gerekend over een kwartaal).

Wat houden de wijzigingen in?

Meerwerk
Per 1 januari 2018 kan het werken met Tijd Voor Tijd niet meer, tenzij dit in de arbeidsovereenkomst met de werknemer expliciet is afgesproken. Gebeurt dit niet, dan moeten meeruren (maandelijks) worden uitbetaald + 8% vakantiebijslag.

Per 1 januari 2019 kan werken met Tijd voor Tijd niet meer, ook niet door dit af te spreken in de arbeidsovereenkomst, tenzij het werken met Tijd voor Tijd bij CAO is afgesproken. Gebeurt dit niet, dan moeten meeruren (maandelijks) worden uitbetaald + 8% vakantiebijslag. In de CAO Tankstations en Wasbedrijven hebben we in beginsel geen afspraken gemaakt waarin het werken met Tijd voor Tijd wordt toegestaan, met uitzondering van zeer beperkte gevallen. Slechts één artikel ziet op meeruren, het andere artikel ziet op overwerktoeslag (waarover onder punt 2 meer).

Als er sprake is van flexibele arbeid (artikel 20 lid 7) hebben we formeel alleen iets geregeld over werken met een urenregister, hetgeen het meerwerk tussen 34 en 38 uur per week betreft. Het gaat dan om die gevallen dat een werknemer een mindere arbeidsomvang heeft dan 34 uur per week maar wel meeruren maakt tussen de 34 en 38 uur. Alleen voor die uren worden bij CAO expliciet toegestaan dit om te zetten in een urenregister. TvT wordt dus alleen dan ‘toegestaan’ en dit is dus zeer beperkt. Voor alle andere meerwerk-uren, zal TvT dan dus niet toegestaan meer zijn. Dit is behoorlijk ingrijpend want veel van u zal wel met opbouw van TvT en een urenregister werken.

Uitzonderingen
Bovenstaande geldt niet wanneer de meeruren in dezelfde maand dat ze worden opgebouwd ook worden gecompenseerd in vrije tijd.
Bovenstaande geldt niet als over alle gewerkte uren (gewone uren + meeruren) gemiddeld nog steeds meer dan het minimumloon wordt betaald. Of dit het geval is, is afhankelijk van het aantal gewerkte meeruren en op voorhand door de werkgever nooit vast te stellen.

Conclusie: TvT wordt aan banden gelegd en is straks niet meer mogelijk, althans alleen in zeer uitzonderlijke gevallen. Het advies aan u is dan ook om u te houden aan de contractuele arbeidsomvang! Werkt een werknemer meer-uren, compenseer deze dan nog in dezelfde maand in vrije tijd of betaal ze diezelfde maand uit (en let op +8% vakantiebijslag!). Het eindeloos opbouwen van verlofuren door meerwerk (met name bij parttimers) is aankomende jaren dus niet meer aan de orde.

Overwerk en vakantiebijslag
Onderdeel 2 van de wetswijziging, ziet op het betalen van vakantiegeld over overwerk. Over meerwerk dienden werkgevers altijd al 8% vakantiegeld te betalen. Dit gaat in de praktijk vanzelf goed bij studenten met ‘0-urencontracten’, die maandelijks betaald krijgen wat ze maandelijks aan uren werken. Voor ‘vaste’ parttimers wordt er meestal met (opbouw van uren) TVT gewerkt waarbij de werkgever dus niet te maken krijgt met het uit betalen van 8% over het opgebouwde loon. U krijgt hier dus straks wel uitdrukkelijk mee te maken: omdat u straks maar in zeer beperkte mate gebruik kan maken van Tijd voor Tijd en een urenregister, moeten werkgevers alle werknemers hetzelfde gaan behandelen in de zin dat gewerkte uren over de maand, ook per maand uitbetaald worden en hierover dus ook 8% vakantiegeld moet worden betaald.

Echter, ook het begrip ‘overwerk’ komt sinds 1 januari 2018 onder het loonbegrip te vallen. Over overwerk zal straks ook de wettelijke verplichting bestaan om 8% te betalen. Omdat toeslagen wel bij CAO hebben uitgezonderd van recht op vakantiegeld, geldt dus dat er over de overwerktoeslag dan weer niet 8% vakantietoeslag hoeft te worden betaald. Oftewel overuren worden betaald met loon +8% +25%. Die 25 % gaat dus niet over loon+8% en andersom. Uurloon+8% en uurloon +25% apart berekenen en dat bij elkaar optellen, dan komt u op de juiste uitbetaling van overwerkuren.
Rekenvoorbeeld: uurloon: 10 euro. Overwerk moet als volgt worden betaald à uurloon +8% = +0,80 ct. Uurloon+ 25%= 2,50,-. Overwerk is dan per uur 13,20 euro waard.

Overigens hebben wij in het licht van het bovenstaand onder punt 1, wel uitdrukkelijk in de CAO afgesproken dat de overwerkvergoeding tussen werkgever en werknemer in vrije tijd kan worden omgezet. Voor die vergoeding geldt dus dat u straks wel gerechtigd bent om dit om te zetten in betaalde vrije tijd.

Onder overwerk-uren wordt natuurlijk alleen verstaan de overwerkuren zoals in de CAO omschreven. Anders geldt de regeling zoals bij meeruren beschreven.

Keer terug naar het nieuwsoverzicht